Gezamenlijk verantwoordelijk… kijk je weg of grijp jij wel in?

Deze week werd het bestuur van Jeugdsoos ’t Waeske door de rechter medeverantwoordelijk gehouden voor de dood van een 15 jarige jongen. De jongen dronk in ’t Waeske teveel alcohol en kwam vervolgens op de A2 om het leven toen hij daar wandelend werd aangereden.

Dit bericht roept natuurlijk de nodige vragen op:

  • Wat gebeurde er daarbinnen nu precies?
  • Wie bestelde het bier voor de minderjarige jongen(s)?
  • Wie tapte het bier? En wist die persoon dat het genuttigd zou worden door de minderjarige(n)?
  • Hoeveel meerderjarigen waren er aanwezig die zagen dat de minderjarige jongen(s) bier zaten te drinken en dronken zaten te worden?

Dit verhaal in de krant vertelt een verhaal over gezamenlijke verantwoordelijkheid en het falen daarvan. Want zeg eens eerlijk. Als jij ziet dat een stel minderjarigen alcohol zit te drinken, zeg je er dan wat van?

In dit verhaal zijn er heel wat betrokkenen te benoemen die zich verantwoordelijk zouden kunnen voelen (mogelijk niet juridisch, ik ben een psycholoog, geen jurist). Verantwoordelijk voelen dus. Ik denk aan de vrienden van de jongen, de ouder(s) van de jongen (wisten zij hiervan), de barkeeper, andere aanwezigen in de soos, passanten die de jongen buiten over straat hebben zien zwalken.

Toch liep het verkeerd af.

Op de hockeyclub waar ik regelmatig de wedstrijden van mijn kinderen bekijk zie ik het ook wel gebeuren: Alcholgebruik door minderjarigen. Ik zeg daar niks van. Want: ik ben hun ouders niet, ik ben de barkeeper niet, en als ik er wat van zeg krijg ik een grote bek. Ik wend me af en kijk ergens anders naar.

En zo zal het in ’t Waeske ook gegaan zijn. “Niet mijn verantwoordelijkheid”.

In de psychologie wordt het innocent bystander effect beschreven. Het fenomeen dat hoe meer mensen verantwoordelijk kunnen zijn, hoe minder mensen die verantwoordelijkheid ook daadwerkelijk pakken. Als een ander verantwoordelijk kan zijn hoef jij dat niet te zijn. In grotere groepen wordt dat effect sterker.

Al met al een wijze les. Voor soos-houders, besturen van sportverenigingen, maar ook voor leidinggevenden. Want hoeveel gezamenlijke verantwoordelijkheid heb jij in je team?

Het einde van functioneringsgesprekken

Stoppen met functioneringsgesprekken?

*LIVEBLOG, laatst bijgewerkt op 21 november 2018*

Stoppen met functioneringsgesprekken is hot! Wij ondersteunen steeds meer organisaties die een transitie maken naar een betere vorm van ontwikkelen. ABN Amro, Randstad, Rabobank, T-Mobile, Achmea en de Gemeentes Rotterdam en ‘s-Hertogenbosch, allemaal schaffen ze functioneringsgesprekken af en komen met een antwoord op de vraag: hoe bevorderen wij ons collectief functioneren. Ik ben hiervoor lessen uit de praktijk gaan verzamelen. Dit “live blog” is hier een continue samenvatting van. Lessen uit de praktijk op internet gepubliceerd, gemixed met onze eigen ervaring over het ontwikkelen van teams en organisaties.

Bye Bye Performance Management, hallo functioneringsgesprek nieuwe stijl.

ABM Amro zegt het traditionele Performance management, en daarmee de klassieke functioneringsgesprekken,  gedag en komt daarvoor in de plaats met een nieuw beleid waarin teams en medewerkers meer eigenaarschap nemen. Motiveren, ontwikkelen en waarderen staat centraal. Nieuwsgierig hoe ze dat doen, lees dan het artikel “Together en better” van Felix Bartelomij.

Ook T-Mobile stopt met de klassieke manier van beoordelen en belonen. Zij stappen over van een individuele bonus naar een collectieve prestatiebonus. Ook hier woorden als ontwikkelen en bijdrage. Anders dan bij sommige van onze klanten behoudt T-Mobile wel een aantal formele gesprekken. Zij spreken zelf over Great Converstaion. In plaats van twee komen er maar liefst vier formele gesprekken. Fons Trompenaars en Ronald de Bruijn beschrijven hier hun twijfels bij het nieuwe T-Mobile model.

Redenen om te stoppen met het functioneringsgesprek

Goed beschouwd zijn er meer reden om te stoppen met het voeren van functioneringsgesprekken (en beoordelingsgesprekken) dan om er mee door te gaan.

  1. Functioneringsgesprekken kosten miljarden en leveren niets dan frustratie op. Dat stelt docent Human Resources Management Kilian Wawoe van de Vrije Universiteit Amsterdam op basis van een zevenjarig onderzoek. De resultaten zijn te lezen in zijn boek “Het nieuwe belonen“.
  2. Functioneringsgesprekken zorgen voor verwijdering van het contact
  3. Functioneringsgesprekken verhogen de stress
  4. Functioneringsgesprekken werken niet opbouwend
  5. Iedereen heeft een hekel aan de verplichte gesprekken
  6. In functioneringsgesprekken wordt vaak eenzijdige en gekleurde feedback gepresenteerd.
  7. We proberen in zo’n gesprek teveel dingen tegelijkertijd te proppen (van communicatie, feedback, coaching tot bespreken volgende loopbaanstap of dossieropbouw)
  8. De functioneringsgesprekken zijn een excuus om de rest van het jaar niet met elkaar te praten
  9. Functioneringsgesprekken zijn te gestructureerd en te formeel
  10. Ze zijn teveel gefocust op prestaties die kwantificeerbaar zijn
  11. Eigenaarschap voor de gesprekscyclus ligt vaak bij HR of de leidinggevende en niet bij de medewerker zelf
  12. Formeel hebben de functioneringsgesprekken niet te maken met promotie en salarisonderhandelingen, in werkelijkheid is dat wel
  13. Niemand zegt wat hij werkelijk denkt
  14. Functioneringsgesprekken kosten veel tijd
  15. Functioneringsgesprekken houden slechte managers overeind.
  16. En last but not least, volgens onderzoek van Adobe huilt 25% van de werknemers na het voeren van een functioneringsgesprek.

Meer informatie over deze redenen lees je in artikelen van Harry Huizinga en Alexander Kjerulf

Van verplichte functioneringsgesprekken naar het goede gesprek

Bij meerdere van onze klanten zien wij de beweging van verplichte jaarlijkse gesprekken naar het vaker, maar niet formeel, voeren van het goede gesprek. Het vragen en ontvangen van feedback staat hier centraal. Jaarlijks formuleren medewerkers, al dan niet in hun team, hun ontwikkelvraag en gaan gedurende het jaar aan de slag met die vraag. Feedback van collega’s en leidinggevenden is dan essentieel. Yvonne ’t Hart omschrijft de mindshift op de volgende manier: Het gaat er niet om dat medewerkers doelen moeten halen en hierop beoordeeld worden. Maar dat ze zo enthousiast en bevlogen over hun werk zijn dat ze resultaten willen behalen. Lees hier het hele artikel van Yvonne.

Meer lezen over het goede gesprek? Vraag hier het gratis inspiratieboekje aan met gratis tools!

Intention Circels

Guido van de Wiel en Steffan Seykens beschrijven hoe Intention Circels een goed alternatief zijn voor de klassieke functioneringsgesprekken. Een Intention Circle is gericht op vooraf steunen van leren en ontwikkelen, in plaats van achteraf beoordelen. In de methode vertelt de betreffende medewerker allereerst wat zijn intentie is ten aanzien van zijn toekomstige functioneren. De collega’s zitten daarbij – samen met de inbrenger – in één kring. De begeleider vraagt aan iedereen om pas te gaan staan als de intentie aan vier voorwaarden voldoet. Dit wordt ook wel het ROND-maken van de intentie genoemd. Het gaat om respectievelijk:

  • Realistisch – Is de intentie haalbaar? Voorzie je dat het deze persoon daadwerkelijk gaat lukken?
  • Overtuigend – Is de intentie voelbaar, zelf gekozen en congruent?
  • Noodzakelijk – Wat kost het nu en wat levert het op door het anders te gaan doen?
  • Duurzaam – Heb je een actieplan en hulp ingeschakeld om terugval te voorkomen?

Werken aan je ontwikkeling

Geen functioneringsgesprekken meer. Maar het goede gesprek! Met welk doel eigenlijk? Het woord ontwikkeling viel hier al eerder. In de nieuwe opzet kiezen organisaties ervoor medewerkers meer en meer verantwoordelijk te maken voor hun eigen ontwikkeling. In onze begeleidingstrajecten zien wij mensen soms fronsen als wij ze vragen één ontwikkelvoornemen te formuleren. “Moeilijke vraag”, vinden ze. Maar steevast blijkt de vraag minder moeilijk dan die op het eerste gezicht lijkt. Vrijwel iedereen kan iets opnoemen om verder te ontwikkelen: een vaardigheid, meer kennis, iets op het gebied van sociale interactie. Voorbeelden te over.

In deze Ted-talk Why we do what we do gaat Tony Robbins op zoek naar de drijfveren achter ons gedrag en laat hij zien dat mensen van nature intrinsiek gemotiveerd zijn om zich te ontwikkelen. een hoopgevende conclusie toch?

Meer focus op teams

Ondertussen is het risico levensgroot dat we het ene systeem vervangen door het andere. Opeens popt het woord ‘Teamfunctioneringsgesprek’ op. Ook bij Achmea krijgt het team een rol nu de functioneringsgesprekken worden afgeschaft. Of dat nu zomaar wenselijk is is de vraag. Wanneer het teamfunctioneringsgesprek ook weer het verplichte bloemetje op de huwelijksdag wordt is er niks gewonnen. Het goede (team)gesprek werkt alleen als er sprake is van een focus op ontwikkeling. Op samen continu verbeteren. Die focus kan heel goed in een team gestimuleerd worden. Maar niet één of twee keer per jaar, maar elke dag!

Meer lezen?

Een van onze klanten adviseerde mij het volgende boek te lezen: Beoordelen: Functioneert dat?

Is jouw team al klaar om meer verantwoordelijkheid te dragen en zelf invulling te geven aan het goede gesprek? Doe de gratis teamtest en weet waar jullie ontwikkelkansen hebben.

5 fouten die ik als teamcoach niet meer zal maken

Teamcoaching is een vak apart. In de acht jaar dat ik dit vak beoefen, heb ik mijn neus vaak gestoten. Denk aan niet aangehaakte deelnemers of het aangaan van welles-nietes discussies, het spannende gesprek uit de weg gaan, te theoretisch blijven en verwachten dat inzicht vanzelf wel tot gedragsverandering zal leiden… En zo kan ik nog wel even doorgaan.

Al doende leert men gelukkig, en ik stoot mijn neus steeds minder. Ik deel deze valkuilen graag met je, wellicht herken je er een paar.

1. Geen kwetsbaarheid laten zien

Misschien wel de grootste les die ik leerde, was tijdens een leergang Deep Democracy. We deden een Check-In en iedereen vertelde iets over de vraag ”Hoe gaat het met je?”. De begeleidster startte als eerste. Ze deelde direct een persoonlijk verhaal en liet er zelfs een traan bij. “Huh, dat is merkwaardig” dacht ik nog… Wat er toen gebeurde! De een na de ander deelde een persoonlijk verhaal op een dieper niveau dan normaal verwacht. Dit zorgde voor een vliegende start tijdens de rest van de cursus.

Vanaf dat moment maak ik bewust gebruik van de unieke positie als begeleider door mijzelf als eerste kwetsbaar op te stellen. Dit heeft een positief effect op de kwetsbaarheid die deelnemers opzoeken.

2. Ik weet het beter

Ik ben een denker en vak-idioot. Vaak ben ik in mijn hoofd al 3 stappen op een team voor en heb ik mijn analyse al klaar. Dit is er aan de hand en dat is nodig om het team te verbeteren. Dat is handig voor het vormen van hypotheses, maar gaat in de weg zitten als je het als waarheid gaat zien. En dat heb ik lang gedaan. Het resultaat? Ik verloor de groep.

Mijn analyse, mijn waarheid, hoe waar ook, is maar één van de waarheden. De kunst in teamcoaching is om juist de waarheden van teamleden naar boven te halen en deze te verbinden.

3. Vragen op inhoud beantwoorden

In het verlengde hiervan ben ik op een gegeven moment gestopt met het te snel beantwoorden van inhoudelijke vragen. Vaak zit er een behoefte onder een vraag die veel waardevoller is om naar boven te halen.

Zo vroeg een teamlid mij eens hoe ik tegen leiderschap in teams aankeek. Ik had mijn valkuil toen al in de smiezen dus zei: “Ik heb wel ideeën, maar vanwaar je vraag?”. Het bleek dat zij ontevreden was met de huidige leidinggevende en er volgde een mooi gesprek over het leiderschap van deze teamleider. Ik was blij dat ik geen theoretische verhandeling was begonnen!

4. Teveel theorie

Lange tijd heb ik de wijsheid van David A. Kolb genegeerd. Ik ben zelf gewend om vanuit inzicht te ontwikkelen. Theorie begrijpen en op mijzelf toepassen. Kolb leert ons echter dat mensen verschillende leerstijlen kunnen hebben. De een start bij Theorie, de ander vanuit Ervaring, Reflectie of juist Praktisch tips. Ik startte mijn workshops rondom de Teamrollen van Belbin vaak met het neerzetten van het model. Het viel mij wel op dat mensen mij dan soms erg glazig aan zaten te kijken.

Tegenwoordig start ik bijna altijd met een ervaringsoefening. Denk bv. aan de Marshmallow challenge of de simpelere Toren van Papier. Na reflectie op de ervaring, komt de theorie veel beter binnen.

5. De luidste stem volgen

Tot slot een fout die ervoor zorgt dat patronen niet doorbroken worden, maar juist versterkt. In teams zie je vaak dat er 3 of 4 mensen zijn die 90% van de tijd aan het woord zijn. Bij het stellen van een vraag (bv “Kunnen we verder?”) zullen deze mensen vaak als eerste antwoorden. Te vaak heb ik dat antwoord aangezien voor de behoefte van de hele groep. Door hier vervolgens naar te handelen, verlies je als begeleider je neutraliteit. Je voegt je namelijk bij het dominante geluid in het team. Hiermee misken je de minderheid (de niet gehoorde stem) en daar zit nu vaak juist het probleem!

Dus: Ga op zoek naar “het andere geluid” door vervolgens te vragen:

  • Voor wie geldt dit ook
  • Is er nog een heel ander geluid? / Wie denkt hier heel anders over?

Het gesprek wordt er hiermee niet makkelijker op, maar a) je behoudt je neutraliteit als begeleider en b) je kunt het team leren omgaan met het nemen betere besluiten waar iedereen achter staat.

Nieuwsgierig naar meer van deze visie? Lees daarvoor de blog van Liz Triepels over Deep Democracy.

Workshops

Blogs

Events

Nieuws